Foto: Peter Boss

Column: Limburgs 'volkslied'

  Column

"Zo jochie, je weet hier aardig de weg. Ben je in Overvecht geboren?", vraagt mevrouw Steehouwer als we over de Carnegiedreef rijden.

Zij is een van mijn vaste vrijdagmiddagklanten. Een echte Utrechtse. Haar mond staat zelden stil en ze strooit de ene na de andere levenswijsheid in het rond. Met steeds een 'waor' als afsluiting. Mevrouw Steehouwer is altijd opgewekt, ook nu het lopen minder gaat en ze steeds slechter ziet. Haar oren doen het nog prima, al is mijn zachte g haar blijkbaar nog niet opgevallen. Want nee, ik ben niet in Overvecht geboren.

Waar ik dan wel vandaan kom, wil mevrouw Steehouwer weten. Ik antwoord dat ik al dik veertig jaar in Utrecht en omgeving woon. Tegenwoordig pakweg vier kilometer bij haar Overvechtse flat vandaan. Maar: geboren en getogen ben ik in Limburg. Meteen barst zij uit volle borst los: 'Wie schoen os Limburg is, begrip toch geen mens". En ze zingt het hele refrein van het officieuze Limburgs 'volkslied' foutloos, al is het op z'n Utrechts.

Ik bas een stukkie mee: "Dat stukske Nederland, dat het schoenste is". We maken er een mooi duet van. Maar hoe kan het dat een volbloed Utrechtse een Limburgs lied uit haar hoofd kent? Mevrouw Steehouwer vertelt dat ze twee ooms had, die in het diepe zuiden woonden. Daar ging ze regelmatig op visite. "En als kind pik je dan zo'n liedje makkelijk op, waor." Waar die ooms dan wel woonden, wil ik weten. In Brunssum. Pakweg vier kilometer van mijn geboorteplaats.

Peter Boss is vrijwilliger bij de Stichting Buurt Mobiel. Buurt Mobiel zorgt ervoor dat ouderen en mindervaliden op een makkelijke en betrouwbare manier korte ritjes kunnen maken. Buurt Mobiel is actief in Overvecht, Noordoost, Ondiep en Zuilen

Ook vrijwilliger worden? Kijk op de website

www.buurtmobiel.com

Meer berichten