Rechtbank wil opheldering over agressieve verdachte schietpartij

UTRECHT - Afgelopen maandag was een voorbereidende zitting in de zaak rondom de schietpartij in een tram op het 24-oktoberplein in Utrecht. De rechtbank had eerder bepaald dat de verdachte verplicht op die zitting aanwezig diende te zijn, ook als hij dat zelf niet zou willen. De verdachte bleek maandagochtend niet te zijn aangevoerd. De rechtbank heeft toen op de zitting beslist dat de verdachte niet alsnog onder dwang naar de zitting gebracht hoefde te worden. Die beslissing sloot aan bij wat op dit punt door de officier van justitie en de advocaat als hun standpunten naar voren is gebracht.

Dinsdag verschenen in verschillende media berichten dat de verdachte maandagochtend wel klaarstond voor vervoer naar de rechtbank. De rechtbank heeft de beslissing genomen om de zitting zonder verdachte te laten plaatsvinden op grond van informatie die de rechtbank maandagochtend ontving. Die informatie kwam in eerste instantie telefonisch van de politie en werd kort daarna bevestigd via een e-mail van de Dienst Vervoer & Ondersteuning.

Zoals de voorzitter op de openbare zitting aangaf, bleek uit die informatie dat de verdachte agressief was, niet mee wilde werken en dat een speciaal team nodig zou zijn om hem - vermoedelijk met aanzienlijk geweld - alsnog te vervoeren. Dit team moest worden opgeroepen en het zou aanzienlijke vertraging opleveren om hier op te wachten. Omdat de rechtbank inmiddels had besloten om de verdachte verplicht te laten bijstaan door een advocaat was het voor het verloop van de zitting – waar niet de inhoudelijke behandeling op de agenda stond – niet meer volstrekt noodzakelijk om de verdachte alsnog te laten aanvoeren naar de zitting.

De rechtbank realiseert zich dat onder meer nabestaanden en slachtoffers met andere verwachtingen naar de zitting zijn gekomen. De rechtbank heeft de betrokken organisaties om opheldering gevraagd.

Meer berichten








Dagelijks het laatste nieuws in je mailbox ontvangen?

Aanmelden