Logo stadsbladutrecht.nl


Herman Servaas voor een schilderij van zijn kapperszaak. Foto: Jan van Stipriaan Luïscius
Herman Servaas voor een schilderij van zijn kapperszaak. Foto: Jan van Stipriaan Luïscius (Foto: Jan van Stipriaan Luïscius)

'Ik wilde niet zomaar kappertje worden'

Al vijftig jaar lang loopt hij met een rode clownsneus in zijn broekzak. Maar een clown is Herman Servaas niet. Zijn beroep líjkt er niet eens op. Herman is herenkapper, beter gezegd wás herenkaper. Zeventig jaar lang stond hij met schaar en tondeuse in de hand op verschillende locaties in Utrecht. 86 is de Vleutenaar nu. "Ik zal het missen."

UTRECHT – Een prachtig beroep vindt Herman Servaas het kappersvak. Anders was hij natuurlijk ook nooit tot twintig jaar na zijn pensionering doorgegaan. "Het is leuk om mensen mooi te maken. Om het mooiste eruit te halen. Het geeft me altijd een gevoel van trots om wensen in vervulling te laten gaan", zegt de kapper die oud-burgemeester Henk Vonhoff is zijn stoel had, maar ook presentator Herman Emmink en de Brenninkmeyer's, directieleden van C&A.

Met een rode clownsneus op? Nee, want die gebruikt en gebruikte Herman alleen in 'noodgevallen'. Bijvoorbeeld wanneer een kind verdrietig was. "Ging een kind huilen op de stoel, dan zette ik die neus op." Maar aangezien Servaas ook bemoeienis heeft met het plaatselijke carnavalsleven, komt die rode neus hem goed van pas.

Herman Servaas begon zijn kapperscarrière vlak na de oorlog bij Klomp aan de Amsterdamsestraatweg. Als hulpje. Hij stapte later over naar kapper Heideman aan de Gansstraat. "Ik had meer klanten dan mijn baas." Herman kreeg het advies van zijn vader - die óók kapper was - om bij hem in de zaak aan het Lauwerecht (Vogelenbuurt, waar de jonge Herman woonde) te knippen. "Ik zei: maar dan wil ik een hele goeie worden, niet zomaar een kappertje." Twaalf jaar werkte hij daar. In 1959 begon hij voor zichzelf aan de Adelaarstraat. Eerst met een damessalon, even later ook heren. Op zijn 65e werd zijn dochter de baas. Zij kocht vier jaar terug een nieuw pand aan Ouderoord, waar pa tot afgelopen december in dienst was.

Volgens Herman Servaas, die in de top 10 stond van beste kappers en alle diploma's binnensleepte, nationale en internationale prijzen won, docent was op de Kapperschool, is er niet zoveel veranderd. Nog steeds vormen de schaar, de tondeuse en de föhn belangrijke instrumenten. Technisch is er niets veranderd. Hoewel, is zijn vroege jaren was Herman soms hele zaterdagen alléén aan het scheren.

Klanten zijn wel kritischer geworden. "Ik leerde mijn mensen dat ze goed moesten luisteren. Begin niet over het weer, niet over politiek of over godsdienst. Dat leidt tot oeverloze discussies. Als de klant erover begint is het oké."

Wat gaat 'ie missen? "Contacten met klanten en het personeel. Ik kon altijd goed met personeel opschieten en met klanten. Ja hoor, ook met lastige."

        

Meer berichten